Zonder titel | Mihai Eminescu

Vanuit de nacht waar ieder ding
voor eeuwig in verdween,
al wat ons hier ter harte ging
dat schemerlicht bescheen,

waaruit wat weg is nimmermeer
de weg is teruggegaaan –
wou ik dat jij nog slechts één keer
ten leven op zou staan.

En zijn je lieve ogen niet
meer stralende verlicht,
ik wil dat jij me stil beziet
met uitgedoofd gezicht.

En ook al spreekt de stem die mij
zo dierbaar was geen woord,
toch heb ik van de overzij
dat je mij riep gehoord.

vertaling door Jean Pierre Rawie